Doopsgezinde Gemeente Haren

Zondag 19 juli 2009

Voorganger: zr. H.P. Kieft-van der Sande

“De zoektocht naar de zin van het leven”

 

Orde van dienst

Welkom en mededelingen

Samenzang: Lied 434 : 1, 2 (Liedboek voor de Kerken)

Votum

Samenzang: Lied 434 : 3, 4, 5

Gebed

Samenzang: Lied 437

Inleiding op Prediker

Schriftlezing: Prediker 3 : 1 t/m 15

Samenzang: Lied 489

Schriftlezing Matteüs 9 : 27 t/m 38

Samenzang: Lied 75 : 13, 14, 15

Overdenking

Stilte

Orgelspel

Gebed

Open ruimte

Collecte

Samenzang: Lied 479

Zegenbede besloten met gezongen amen: Lied 456 : 3

 

Inleiding op Prediker 3 : 1 t/m 15

Straks zullen we lezen uit het boek Prediker.

Een bekend gedeelte, één van de kunstigste bijbelgedeelten in het Oude Testament. Het heeft een prachtige symmetrie en lijkt wel een modern sonnet.

Wie de Prediker was, weten we niet. In het begin van zijn boek stelt hij zichzelf voor als koning Salomo, maar daar horen we later niets meer van. Het is mogelijk dat de enige bedoeling daarvan was dat de mensen dan zijn boek eerder en beter zouden lezen. De Prediker kende de mensen goed. Hij wist dat we eerder geneigd zijn te luisteren naar bekende mensen, mensen van naam dan naar een willekeurig iemand waarvan we nog  nooit gehoord hebben.

Dat is nu nog zo: wij kijken vaak ook eerst naar de naam van de schrijver van een artikel of boek om te weten of het de moeite waard lijkt het te gaan lezen.

Aan het slot van het boek wordt het duidelijk dat de schrijver een wijsheidsleraar is. Wijsheidsleraren wisten hun onderwijs op een verrassende, soms schokkende manier te formuleren om de mensen zo aan het denken te zetten. Door hun puntige formulering dringen hun woorden bij de mensen binnen en blijven daar stevig zitten. Zo weet ook de Prediker mensen, zowel door de inhoud als door de vorm te pakken en te boeien en soms uit te dagen.

 

De schrijver geeft in zijn boek een verslag van zijn zoektocht naar de zin van het leven, van alles wat we doen. Hij heeft op allerlei manieren en met grote vasthoudendheid daarnaar gezocht, ook met eigen ervaringen.

De vraag naar zin is een vraag die in alle tijden gesteld wordt en zeker in onze tijd.

Ook het probleem dat wij hebben met alle ellende en onrecht in de wereld, in relatie met God, wordt in het boek Prediker aan de orde gesteld. In die zin is het een boek dat goed in onze tijd past.

 

Overdenking

Zusters en broeders.

We hoorden een lange rij van werkwoorden die stuk voor stuk bezigheden aanduiden. Bezigheden die allemaal hun bepaalde tijd hebben. Er is een tijd om te scheuren en een tijd om dicht te naaien. Een tijd om te spreken en een tijd om te zwijgen. In een voortdurende afwisseling komen de bezigheden aan de orde. Het valt op dat het steeds tegenstellingen zijn, ze heffen elkaar op.

Het is een opsomming van iemand die op een filosofische manier waarneemt.

De schrijver is bezig te zoeken naar de zin van het leven in zijn boek.

Wanneer hij al die bezigheden ziet, merkt hij dat daar de zin van het leven niet in kan liggen.

Het één wordt immers door het ander ongedaan gemaakt. Er is een tijd om te baren, maar ook een tijd om te sterven. Wat is dan de zin van het geboren worden?

Je kunt een poosje vrolijk zijn en lachen, maar straks volgt weer een periode van droefheid. Deze afwisseling gaat steeds door. Wat is dan het nut, het voordeel voor degene die dit allemaal meemaakt?

Het antwoord luidt: niets. Er is geen werkelijk nut. Alles wordt op een zeker moment weer ongedaan gemaakt. Alles is ijdelheid.

 

Het klinkt pessimistisch. Toch kunnen die gedachten ook bij ons opkomen op bepaalde momenten. Ook bij moderne schrijvers kun je dit, maar dan in andere woorden, tegenkomen.

Wat is objectief gezien de zin van ons bestaan en van ons geploeter? Loopt niet alles toch stuk op de dood?

Je probeert iets op te bouwen, maar het breekt je bij de handen af, omdat het kennelijk niet de geschikte tijd is.

Een ander bouwt wél iets op. Alles gaat van een leien dakje en hij máákt iets van zijn leven. En dan ineens gebeurt er iets waardoor alles in één klap teniet wordt gedaan. Dan beseffen we weer: de mens heeft het niet voor het zeggen, het leven is niet maakbaar.

Ook in het groot is het zo.

Kijk maar naar de economische crisis.

Eerst lijkt er geen vuiltje aan de economische hemel te zijn en dan ineens stort de economie in.

Hoe vaak zien we om ons heen dat er wordt afgebroken wat daarvoor met veel zorg en moeite tot stand was gebracht.

Soms gebeurt dat zonder dat het echt nodig is. Soms heeft het wel een goede reden.

Maar tóch kan de vraag dan opkomen: waarom zouden we ons druk  maken en ons uitsloven? Wat we tot stand brengen wordt vroeg of laat teniet gedaan.

We werken hard tot we alles aan een ander moeten overgeven. En wat doet die ander met ons levenswerk?

Alles is ijdelheid. Alles is voor niets, tevergeefs.

Ook in onze tijd wordt het vaak zo beleefd.

Veel mensen twijfelen aan de zin van hun leven.

Ook of juist veel jonge mensen.

Ze voelen zich helemaal op zichzelf teruggeworpen. Mede omdat ze helemaal zelf mogen, zelfs móeten beslissen hoe ze hun leven willen leven.

Wat is de goede weg? We hebben veel kennis, maar desondanks is het een moeilijke opgaaf om geestelijk op eigen benen te moeten staan en je leven zelf zin te geven.

 

De vraag naar zin is o.a. de vraag naar een doel: waar leef ik voor? Wat heeft werkelijk waarde?

Het antwoord daarop heeft alles te maken met onze levensbeschouwing.

Nu leven we in een tijd waarin de oude idealen, waaraan mensen altijd zin hebben ontleend, het begeven, zoals bijv. socialisme, communisme, materialisme en ook het christelijk geloof.

In het huidige postmodernisme wordt gesteld dat ‘de grote verhalen’ voorbij zijn. Daarmee worden de grote idealen en ideologieën bedoeld.

Veel idealen zijn illusies gebleken en zijn afgeschaft. Ieder moet nu zijn eigen waarheid ontdekken. Iets is pas waar als je het uit eigen ervaring kunt beamen.

Maar kun je op die eigen ervaring wel echt vertrouwen?

Zonder hier verder op in te gaan, dat is een onderwerp apart, kun je zeggen dat er wel een geestelijke leegte is ontstaan.

Hoe wordt deze opgevuld?

Nu, er is een geweldige veelheid van keuzemogelijkheden.

In de spirituele zin van het woord zijn er allerlei trends en lifestyles. Velen vluchten in de mystiek en het occulte.

De grote individuele vrijheid samen met de veelheid van keuzemogelijkheden maakt dat mensen door de bomen het bos niet meer zien en verdwalen. Zelf zin aan je leven geven, dat is zo gemakkelijk nog niet.

 

Hierbij moet ik denken aan het bijbelgedeelte dat we net lazen in Matteüs 9:36.

Een grote menigte heeft zich om Jezus verzameld. Overal waar hij gaat, wordt hij omstuwd door nieuwsgierigen, zieken en hulpzoekenden.

Een verbazend groot aantal, gezien de kleine dorpjes in die streek en de dunbevolktheid van het gebied.

We lazen dat Jezus met ontferming was bewogen voelde met de mensen. In het Grieks wordt daarvoor een woord gebruikt dat een diepe emotie tot uitdrukking brengt.

Het zien van die grote menigte raakt Jezus tot in zijn ingewanden, tot in zijn ziel, meteen al.

Een prachtige uitdrukking, met ontferming bewogen. Daar hoor je een enorme liefde in voor de mensen.

Dit gevoel wordt o.a. veroorzaakt door het gedrag van de menigte mensen. Ze zoeken hulp, steun en troost, maar ze verkeren in volstrekte verwarring over de vraag waar ze dat moeten vinden. In de synagoge konden ze wel horen dat ze de wet moesten houden, maar ondervonden niet Wie God was.

Wanhopig en verdwaasd (in geestelijke zin) lopen ze achter iedereen aan die hen een beetje hoop geeft. Daarom laten ze Jezus ook geen moment met rust. Vandaag is hij hun bron van inspiratie. Ze zijn als ‘schapen zonder herder’ .

Zouden ze in Jezus de goede herder zien?

 

In het evangelie (het goede nieuws) van Johannes zegt Jezus duidelijk: “Ik ben de goede herder”, en even verder: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven”. Daarmee zegt hij dat hij zin aan ons leven wil geven. De zin die we zo nodig hebben.

Jezus’ bijzondere kracht en uitstraling heeft mensen geďnspireerd en in beweging gebracht en veranderd. Hij wil ons het ‘eeuwigheidsleven’ geven. Dat is niet een toekomstig leven, maar een nieuw leven, hier en nu. Een leven met eeuwigheidskwaliteit, bezield door de Heilige Geest.

Zodat we ons bijv. inzetten voor vrede, gerechtigheid en liefde, zoals God dat bedoelde.

 

In het boek Prediker komt het woord tevergeefs vaak voor. Een droevig woord.

Het kan ons overvallen, de gedachte dat het allemaal tevergeefs is, dat het voor niets is: ons werk, onze opvattingen, het meehelpen aan een humane wereld, het vechten tegen het kwaad en de inzet voor vrede en alle offers die mensen darvoor brengen.

Dankzij Jezus mogen we weten dat het nooit tevergeefs is.

Zoals Paulus (1 Cor. 15:58)  zegt:

“Kortom, geliefde broeders en zusters, wees standvastig en onwankelbaar en zet u altijd volledig in voor het werk van de Heer, in het besef dat door de Heer uw inspanningen nooit tevergeefs zijn”.

 

Amen.

 

 

Méér recente preken      (Sluit de pagina om terug te keren)