Doopsgezinde Gemeente Haren

Zondag 31 oktober 2010

Voorganger: ds. K. van der Werf

 

Wintertijd en De nacht van de duisternis

 

Genesis 1: 1-3 en 14-18  (De schepping)

In den beginne schiep God de hemel en de aarde. De aarde nu was woest en ledig, en duisternis lag op de vloed, en de Geest Gods zweefde over de wateren. En God zei: Er zij licht; en er was licht.

En God zei: Dat er lichten zijn aan het uitspansel des hemels om scheiding te maken tussen de dag en de nacht, en dat zij dienen tot aanwijzing zowel van vaste tijden als van dagen en jaren; en dat zij tot lichten zijn aan het uitspansel des hemels om licht te geven op de aarde; en het was alzo. En God maakte de beide grote lichten, het grootste licht tot heerschappij over de dag, en het kleinere licht tot heerschappij over de nacht, benevens de sterren. En God stelde ze aan het uitspansel des hemels om licht te geven op de aarde, en om te heersen over de dag en over de nacht, en om het licht en de duisternis te scheiden. En God zag, dat het goed was.

 

Exodus 10: 21-23  (De negende plaag: Duisternis)

Daarna zei de Heer tot Mozes: Strek uw hand uit naar de hemel, opdat er duisternis zij over het land Egypte, zodat men de duisternis kan tasten. En Mozes strekte zijn hand uit naar de hemel, en er was gedurende drie dagen een dikke duisternis in het gehele land Egypte. Gedurende drie dagen kon niemand een ander zien, noch van zijn plaats opstaan; maar alle Israëlieten hadden licht, waar zij woonden.

 

Preek

Vandaag is de wintertijd weer begonnen. En gelukkig staat er op de voorpagina van alle kranten een klokje met een pijltje. De ene keer wijst dat pijltje 'met de klok mee', de andere keer gaat dat pijltje tegen de wijzers van de klok in.

De ene keer komt er een uur bij zeggen we, de andere keer gaat er een uur af. Logisch zou je zeggen, dat snapt toch iedereen. Maar deze hogere wiskunde is niet voor iedereen weggelegd getuige het aantal mensen dat zich 's zondag verslapen óf die zondag 's morgens wakker worden en bij zichzelf denken: “Wat is het al licht zo ’s morgens” en die pas halverwege de dag in de gaten krijgen dat de tijd op de TV niet klopt met de tijd op de klok in de kamer. Ook vanmorgen zal dat bij velen weer het geval zijn. En vraag midden in de zomer maar eens aan iemand, in de vakantie bij de barbecue, in welke weekend de klok een uur vooruit moet of een uur terug? Geheid dat er wat gestamel komt over zomer- en wintertijd maar dat het precieze antwoord niet gegeven wordt. En daarom iedere jaar maar weer, in de journaals en in de kranten, de mededeling dat we weer naar de wintertijd gaan.

 

Nu wordt dit weekend, wanneer de wintertijd weer wordt ingevoerd, door verschillende organisaties aangewend om de nadruk de leggen op de duisternis. Afgelopen nacht was het dan ook ‘De nacht van de duisternis’.

Landelijk worden er allerlei activiteiten georganiseerd. Van nachtvlinders kijken en op jacht naar nachtelijke muizen en insecten, tot een lange nachtwandelspeurtocht met een GPS systeem over de Veluwse heide.

De energiebedrijven worden gemaand om in deze nacht de straatverlichting zo miniem mogelijk te houden en ook de tuinders in de kassen­gebieden wordt verzocht mee te werken voor zover hun bedrijfsvoering hier niet onder lijdt.

 

Want het is té licht in Nederland, 's nachts! Echte donkere plekken zijn schaars in Nederland geworden. Als je 's avonds naar buiten kijkt, dan zie je Groningen oplichten tegen de lucht en zijn de Gasunie en de verlichte Martinitoren zelfs te zien wanneer je op Schiermonnikoog op het duin van de bunker staat.

En daarom is er één keer in het jaar ‘De nacht van de duisternis'.

Om mensen bewust te maken, dat je de nacht en de dag niet moet omdraaien.

En dat ook de nácht heel belangrijk is voor het leven.

Als amateursterrenkundige hou ik er altijd van dat er noord of noordoostenwind is en dat er een beetje nachtvorst is. Want dan zijn er namelijk geen wolken en heb je mooi de tijd om naar de sterren en de planeten te kijken. Of soms… wanneer je het treft… dat er een komeet zichtbaar is. En zeker in augustus, als er in de nacht van de 14 augustus ieder jaar een regen van vallende sterren te zien is, moet je op een goede donkere plek zitten omdat je anders door het licht van straatlantaarns de lucht niet goed kunt zien.

 

‘De nacht van de duisternis' is niet alleen een maaksel van een milieuvereniging die deze nacht aangrijpt om haar standpunt uit te dragen dat er heel veel energie verspild wordt met het onnodig laten branden van veel lampen.

Wie 's avonds vanuit de richting Leek de stad Groningen nadert, ziet aan de linkerkant het nieuwe industriegebied 'Westpoort'. Het vormt de grens met het landelijke gebied. Er zijn nog maar twee bedrijven die daar actief zijn. De rest van de kavels is nog onbebouwd. Maar er branden 's avonds zo veel lampen, dat je de krant er kunt lezen. En dan denk je toch wel eens even bij jezelf aan al die dure spaarlampen die je hebt moeten kopen, om zuinig te zijn met energie.

 

Behalve dat er verschillende milieuverenigingen meerwerken, wordt de nacht van de duisternis ook gedragen door de overheid, Staatsbosbeheer, gemeenten, verenigingen van sterrenkundigen, vogelbescherming en vele anderen. Gewoon om mensen bewust te laten worden, dat de nacht eigenlijk gewoon donker moet zijn en dat je daar geen roofbouw op moet plegen, omdat anders de zaak niet meer in harmonie is.

 

Wie tegenwoordig een reis boekt naar Noord Afrika, wordt niet alleen maar meer acht dagen aan de Middellandse Zee van Tunesië afgezet, om de eerste vier dagen de voorkant van je lichaam bruin te laten bakken en dan vervolgens de overige vier dagen de achterkant, … nee, de toerist wordt nu ook meegenomen naar een bedoeïenentent in de woestijn om daar de nacht door te brengen bij de Berbers. En dit zijn niet meer de Berbers die met wat schapen en geiten door het Atlasgebergte trekken, zo lijkt het als je daar een nacht te gast bent, …maar het zijn Berbers met satelliettelefoon en landrovers die precies weten wat de westerse toerist wil …o.a. dus een nacht in een bedoeïenentent doorbrengen.

 

Maar het mooie van zo'n nacht is, dat het 's nachts hartstikke donker is; je alleen het licht van het kampvuur ziet en dat je geen geluid van een snelweg hoort. Alleen maar de geluiden van de omgeving en duizenden sterren aan de hemel!

En kom daar in Nederland maar eens om.

 

‘Nacht' is niet iets dat als secundair moet worden beschouwd in het leven.

'De nacht' is misschien wel belangrijker dan de dag. Want de nacht dient in zijn algemeenheid tot rust. Natuurlijk zijn er ook nachtdieren, maar de nacht is iets waar je zeer waardevol mee moet omspringen.

In het scheppingsverhaal van de bijbel komt dat zeer goed tot uiting. Wij noemen het eerste verhaal uit de bijbel het scheppingsverhaal. Het heeft die naam gekregen omdat God in zeven dagen alles in de wereld maakte.

 

Ik vind eigenlijk dat die naam niet juist is! Eigenlijk moet je dat verhaal van die zeven dagen niet het scheppingsverhaal noemen, maar het verhaal van de ordening van de wereld. Want dáár gaat het volgens mij om. Hoe alle dingen op de wereld met elkaar in harmonie zijn en dat er geen chaos heerst.

Wij komen altijd met de vraag: hoe kan het dat God iets uit het niets heeft gemaakt? En vervolgens geven we dan ook meteen maar het antwoord: 'dat kan dus eigenlijk niet'. Kijk maar naar hoe oud de aarde is; welke ijstijden er allemaal wel niet zijn geweest …nee… God kan niet iets uit het niets hebben gemaakt zoals de bijbel dat zegt!

 

Maar dat wil de bijbel ons ook niet zeggen! De bijbel wil ons helemaal niet vertellen hoe geweldig God wel niet was om iets uit het niets te maken. Wat de bijbel ons wil vertellen is, hoe de dingen in de wereld geordend dienen te zijn. Dat er geen chaos is, dat er vrede is, dat de nacht en de dag met elkaar in harmonie zijn en dat de mens en de dieren dat zijn. Dat de aarde niet meer woest en ledig is en dat de duisternis op de vloed ligt.

 

Als je dat zinnetje leest van de duisternis lag op de vloed dan roept dat het beeld bij je op van grauwe, donkere mist, op een grote plas water. Iets wat eng is, wat bedreigend is! En dat is precies ook het beeld dat de schrijver bij de lezer wil oproepen. Het is alleen jammer dat geen enkele bijbelvertaler dit vers goed uit het Hebreeuws kan vertalen of zoals ik het liever noem met een frisisme: 'kan overzetten'. De Nieuwe Bijbelvertaling van 2004 vertaalt het met en duisternis lag op de oervloed en de Geest Gods zweefde over het water (enkelvoud). Een vertaling die het begrip van de vloed nog wat meer accentueert met het bedreigende van de zee.

Maar oude vertalingen uit de zeventiende eeuw leggen de nadruk op het begrip 'afgrond' . De Statenvertaling vertaalt met en duisternis was op den afgrond en de Geest Gods zweefde op de wateren. En de Engelse 'King James-version' heeft het over and darkness was upon the face of the deep.

 

Maar hoe je het ook wendt of keert: het begrip duisternis heeft in dat eerste zinnetje van de bijbel iets negatiefs. Het staat symbool voor het ongeordende van de wereld, voor de chaos, het staat symbool voor alles wat niet met elkaar in harmonie is.

 

En dáár brengt God juist verandering in volgens dit verhaal. Het gaat er niet om, dat wij kunnen verklaren hoe er iets uit het niets kan worden ontstaan… nee, in dit verhaal gaat het erom, hoe jij als mens de wereld ziet. Wij interpreteren het verhaal als een geschiedenisverhaal! Maar dat is niet juist! Je moet het verhaal juist zien als een verhaal van een schrijver die zijn levensovertuiging hoe hij de wereld ziet en hoe hij de harmonie van die wereld toeschrijft aan God - om dat met jou als lezer van dat verhaal te delen.

En als je dan goed leest in dat verhaal dan zie je dat dat begrip 'duisternis' uit het verhaal verdwijnt. Want zegt de schrijver: het licht noemde hij dag en de duisternis noemde hij nacht. En dat wordt gezegd als dag en nacht in het verhaal van elkaar gescheiden zijn. Opdat het twee gelijkwaardige dingen zijn die met elkaar in harmonie zijn, warbij de nacht niet meer het negatieve stempel heeft zoals het begrip 'duisternis' dat heeft in dit verhaal. Sterker nog: het hele begrip ‘duisternis’ komt in het scheppingsverhaal niet meer voor, omdat dit symbool staat voor het negatieve, voor de chaos, voor de angst, voor de oorlog, voor alles wat de mens vreemd hoort te zijn.

 

De nacht wordt zelfs vooropgesteld bij de dag. Toen was het avond geweest en het was morgen geweest. En nog altijd begint de volgende dag in de Joodse traditie in de avond en niet zoals bij ons om twaalf uur 's nachts.

Het begrip 'nacht' is in het verhaal niet meer hetzelfde als 'de duisternis'. Nacht is niet het negatieve meer voor de mens, maar hoort er volwaardig bij. Het krijgt zelf lichten. Het grootste licht tot heerschappij over de dag; het kleinere licht tot heerschappij over de nacht. Wij weten meteen dat het over de zon en de maan gaat! Maar het stáát er niet! De zon en de maan worden niet genoemd! Expres niet! Want in de tijd dat dit scheppingsverhaal ontstaan is, werden de zon en de maan in verschillende culturen als godheden vereerd. Denk maar aan de zonnegod Ra in Egypte. En de schrijver wil beslist niet de indruk wekken dat de zon en de maan afzonderlijk grootheden zijn, die zelfs als goden worden vereerd. Nee… het gaat de schrijver om de God van de harmonie van de schepping, waarbij het de taak van de mens is om dat scheppingsverhaal voor ogen te houden in de beslissingen die je moet nemen in je leven.

 

Geloven in God is namelijk ook geloven dat die wereld een keer in harmonie komt. Dat er geen chaos meer is als de duisternis. Chaos als oorlog.

Want duisternis is negatief. En die aarde is overal waar je als mens leeft en waar je als mens het geloof hebt dat de duisternis van het leven dient te verdwijnen. Niet de nacht! Die hoort er helemaal volwaardig bij. En daarom is het goed daar eens een nacht bij stil te staan. Want het zet de mens even weer op scherp waar hij mee bezig is.

 

Het is eigenlijk net zoals het geloof mensen weer op scherp kan zetten. Dat het geloof je plotseling weer die impuls kan geven die je juist nodig had om het negatieve van je leven weer om te zetten in het positieve. Dat je geloof er ook voor zorgt dat je eigen leven geen chaos is. En die kracht van geloof kun je alleen maar zélf ervaren. Omdat God namelijk niet abstract universeel is, maar juist zoals jij het voelt en ervaart. En dat scheppingsverhaal? Het had eigenlijk het 'ordeningsverhaal voor je geloof', moeten heten.

 

Want het wil vertellen hoe je je geloof gestalte moet geven. Namelijk om als mens dit scheppingsverhaal van 'chaos tot geordendheid', als baken te gebruiken voor je eigen levensovertuiging. Want dan wordt er iets van God zichtbaar!

 

 

Méér preken      (Sluit de pagina om terug te keren)